In Nederland is de fiets ontzettend populair. Het is dan ook niet vreemd dat kinderen al op een jonge leeftijd op de fiets zitten. Ze gaan naar school of met hun ouders naar de winkel. Een goede kinderfiets is dan ook aan te raden.
Kinderfietsen zijn er in allerlei soorten en maten. Vaak hebben ze vrolijke kleuren, zodat kinderen ze ook leuk zullen vinden. Het stuur, het zadel en de pedalen kunnen vaak verandert worden in hoogte, zodat kinderen meerdere jaren gebruik kunnen maken van de fiets. Een fiets kun je daarnaast extra leuk maken door bijvoorbeeld kralen om de spaken te doen of een kleurrijke bel toe te voegen. Wat je zeker niet moet vergeten is een vlag, zodat mensen het kind op de fiets goed zien aankomen, ook als ze wat hoger zitten zoals bijvoorbeeld een vrachtwagenchauffeur. Het is extra veiligheid en kinderen vinden zo’n vlag ook vaak erg leuk. Voor de allerkleinsten kun je zijwieltjes aanschaffen, waardoor het fietsen gemakkelijker gaat.
Het is van groot belang dat je goed kijkt voordat je een kinderfiets koopt. Bekijk de kwaliteit goed en vergelijk fietsen met elkaar. Kun je het stuur, het zadel en de pedalen aanpassen? Kan de fiets tegen een stootje? Kun je er gemakkelijk zijwieltjesaan bevestigen? Bedenk van tevoren wat je verwacht in een kinderfiets. Je kunt kinderfietsen kopen bij de meeste fietsenzaken, maar je kunt ook kiezen voor een tweedehands fiets. Op internet kun je veel aanbiedingen vinden. Op deze website vind je de verschillende aanbiedingen die je met elkaar kunt vergelijken.
Voor kinderen is er natuurlijk de kinderfiets. Dit is een gewone fiets zonder versnellingen in het klein.
Er zijn verschillende maten in kinderfietsen: de grootte is afhankelijk van de grootte van je kind. Omdat kinderen leren fietsen met een kinderfiets, zijn er een aantal hulpmiddelen ingebouwd om het fietsen te vergemakkelijken. Eerst zien we dat het moeilijk is het evenwicht te bewaren omdat de fiets kleiner is. Om meer stabiliteit in te bouwen zijn de banden breder gemaakt. Veel kinderfietsen hebben ook een achteruittraprem in plaats van remmen aan het stuur. Zo kan je kind zich concentreren op het sturen en hoeft het zijn grip op het stuur niet te verzwakken om te remmen. Twee populaire hulpmiddelen om je kind te leren fietsen zijn zijwieltjes en een stok aan de fiets. De zijwieltjes kunnen gemonteerd worden en helpen vooral als je kind nog moet leren het evenwicht te bewaren op de fiets. Het is ook een geruststelling voor het kind te weten dat het niet kan omvallen met de fiets, waardoor het zal durven te rijden. Wanneer je merkt dat je kind genoeg zelfvertrouwen heeft op de fiets en de wieltjes niet (vaak) meer op de grond komen, kan je de wieltjes eraf halen en fietst je kind zelfstandig. Het andere hulpmiddel is de stok aan de fiets. Door als volwassene de stok vast te houden en mee te lopen terwijl het kind fietst, help je de fiets in evenwicht te houden. Als je merkt dat het goed gaat, kan je de stok loslaten
Het zou ons niet mogen verbazen, maar fietsen is gezond. Je krijgt er een sterker hart van, je uithoudingsvermogen en je fysieke kracht stijgen, en je slechte cholesterol daalt.
Bovendien werk je aan je lijn. Het is ook een handige sport. Je hoeft er niet eens speciaal tijd voor uit te trekken; jecombineert fietsen gewoon met een bestemming. Fiets naar het werk of naar school. In het weekend stippel je een mooie route naar een bezienswaardigheid uit. Het hoeft ook geen dure sport te zijn: zodra je je fiets hebt gekocht, heb je geen echt noodzakelijke bijkomende kosten meer. Je kan ook in groep fietsen, dan kan je onderweg lekker kletsen. Let er wel op dat je het fietsen geleidelijk opbouwt, net als elke sport. Als je het fietsen niet gewend bent, begin dan aan een rustig tempo en een korte afstand. Let ook op je voeding. Om te fietsen hebben we energie nodig. Deze energie halen we uit onze voeding. De vier stoffen in onze voeding die omgezet worden in energie zijn koolhydraten, vetten, eiwitten en alcohol. Koolhydraten vinden we in aardappelen, rijst, pasta, peulvruchten, fruit, melk en yoghurt. Vetten kunnen we opsplitsen in verzadigde en onverzadigde vetzuren. Verzadigde vetzuren zijn minder gezond en doen het cholesterolgehalte toenemen, onverzadigde vetzuren zijn wel goed voor je en kunnen omgezet worden in energie. Je vindt ze bijvoorbeeld in vis, noten en plantaardige oliën. Eiwitten zijn belangrijk om het lichaam op te bouwen en in stand te houden. Een deel van de eiwitten wordt ook in energie omgezet. Plantaardige eiwitten vind je in brood, granen en peulvruchten; dierlijke eiwitten zitten in eieren, kaas, melk, vlees, vis en kip. Wanneer je een tijdje fietst, word je moe en kunnen je spieren pijn doen. Dat komt door de productie van melkzuur. Melkzuur kan ook omgezet worden in energie; er moet alleen zuurstof aan toegevoegd worden. Dus laat je lichaam even tot rust komen, zodat de zuurstof in je bloed naar je spieren kan vloeien